Een dag als… chauffeur

Dit geeft mensen vrijheid

Langzaam rijdt het golfkarretje van Vervoer Houten achteruit en stopt bij de ingang van een appartementencomplex. Chauffeur Marja Roetman stapt uit en belt aan. Niet veel later gaat de deur open en komt een vrouw naar buiten. “Goedemiddag”, zegt Marja vrolijk. Nog voor de vrouw in het golfkarretje zit, is ze al van alles aan het vertellen. “Dat is wat ik zo leuk vind aan dit vrijwilligerswerk,” laat Marja weten, “de verhalen van al die mensen.”

En verhalen heeft deze vrouw genoeg. Marja komt er nauwelijks tussen, terwijl ze behendig het golfkarretje over de fietspaden stuurt. “Ik ben al 93”, vertelt de vrouw. “Dit vervoer is ideaal. Hoe moet je anders ergens komen? En het is gezellig. Ik heb al verschillende chauffeurs gehad en praat met iedereen.” Geregeld maakt ze gebruik van Vervoer Houten en ze somt op wat ze in een week allemaal doet. En waar ze vandaag naartoe gaat? “Op vrijdag ga ik altijd lijndansen”, glundert ze.

Volgeboekt

“Mooi he?” vraagt Marja als we wegrijden naar de volgende passagier. “En dat met 93!” Marja rijdt nu zo’n drie jaar met het golfkarretje door Houten. “Toen ik hier kwam wonen zag ik ze rijden en dat leek me zo leuk. Ik dacht: als ik met pensioen ben, ga ik dit doen.” Bovendien vond Marja dat er ook wel een vrouw achter het stuur mocht zitten. “Ik zag alleen mannen als chauffeur en met alle respect hoor, maar vrouwen kunnen dit ook. Zo zwaar is dit werk niet. Je moet af en toe een rollator achterin zetten en na het winkelen is die soms wat zwaarder, maar dat gaat prima. Ik hoop dat meer vrouwen dit willen gaan doen.”

Het is wel doorwerken. Je krijgt tien minuten om bij een passagier te komen en tien minuten om die weg te brengen. “Dat is best een uitdaging als ik in Zuid moet zijn”, zegt Marja. Ze haalt er haar schouders over op. “Soms heb je ook weer een aantal korte ritjes en dan haal je de tijd weer in. Wel is het drukker geworden. Toen ik drie jaar geleden begon kon ik af en toe nog even thuis koffiedrinken, nu zijn we altijd helemaal volgeboekt.”

Grote dode hoek

Het is inmiddels spits. De scholen zijn uit en het is druk op het fietspad. “Ik moet wel goed rechts houden, want dit karretje is best een gevaarte. En omdat het elektrisch is, horen mensen ons niet altijd aankomen. Maar daarvoor heb ik dit.” Marja duwt op een knopje en gelijk klinkt er een ting-ting. Dan zet ze het geluid weer uit. “In de tunnel bij Welkoop zet ik ‘m altijd aan. Daar heb je een scherpe bocht en ik heb liever geen bakfiets met kinderen tegen de golfkar. Je moet ook overal ogen hebben, want ik heb een grote dode hoek.

“Eerst fietste ik nog, maar dat durf ik niet meer”, vertelt een vrouw als ze instapt. “Mijn kinderen zeiden: geef eraan toe. En nu ben ik er zo blij mee, anders zat ik echt achter de geraniums.” We stoppen bij de bibliotheek. “Kun je me straks bij de Lidl ophalen?” “Natuurlijk, zegt Marja, terwijl ze de rollator uit de bak tilt. “Moet ik het alleen zelf niet vergeten”, lacht de vrouw en ze loopt weg.

Plankgas

Op weg naar een nieuwe passagier zitten we achter een fietser. “Soms,” zegt Marja, “gaan fietsers net te langzaam. Maar inhalen is lastig. Het kost echt tijd want het golfkarretje kan maar 23 kilometer per uur, dus je moet geen tegenliggers hebben. Het lijkt te kunnen want Marja schuift opzij. “Dit is plankgas”, lacht Marja terwijl ze met een minimaal tempoverschil de fietser voorbij tuft. “Ik ga er niet altijd voorbij, hoor. Als ik een ouder met kinderen zie fietsen, dan blijf ik erachter hangen.”

“Ik krijg hier zelf ook energie van”, vertelt Marja. “Dit werk is heel nuttig. Je maakt mensen blij. Een meneer zei tegen mij dat hij dankzij ons nog leeft. Hij zit in Houtens Erf en zo kan hij af en toe toch nog naar buiten. In Nieuwegein waar hij vandaan komt, hebben ze dit niet, maar dit geeft mensen vrijheid. Dus dit werk geeft heel veel voldoening. Niet dat ze mij dankbaar moeten zijn, ik vind het fijn dat ik dit kan doen en dat iemand hierdoor boodschappen kan doen, naar de kapper kan of kan sporten.”

Kleur is gezelliger en beter zichtbaar

Marja wijst op haar rode jas. “Die doe ik bewust aan. Een beetje kleur is gezelliger, er is al zoveel grijs en zwart in de wereld. Bovendien moet je soms op plekken uitstappen waar veel verkeer is en dan zien mensen mij beter.” We rijden richting het Oude Dorp. Moest Marja eerst vlak na een bocht tussen twee paaltjes door manoeuvreren, waarbij ze aan weerszijden tien centimeter speling had, nu stuitert het karretje bij een duidelijk gebrek aan goede vering over de weg. De mevrouw van 96 naast mij zet zichzelf zoveel mogelijk schrap. “Dit is het slechtste stukje weg van Houten. Tja, het hoort bij het Oude Dorp, zullen we maar zeggen”, zegt Marja verontschuldigend.

Terug bij Het Rond, stapt een vrouw uit een hal van een appartementencomplex. Ze gaat zitten en betaalt Marja. “Ik rijd vier dagen in de week mee en geef altijd een beetje fooi”, vertelt ze. “En van de fooien van passagiers gaan we een of twee keer per jaar met alle vrijwilligers uit eten”, vult Marja aan. Ze draait de golfkar het fietspad op en luistert naar de vrouw. “Twee jaar terug zag ik deze karretjes en dacht: het zal je maar gebeuren dat je met zo’n karretje mee moet”, vertelt de vrouw lachend. “Maar ik vind het nu echt geweldig. De chauffeurs zijn heel attent en het is ontzettend gezellig. Ik heb nog nooit zoveel lieve mensen bij elkaar gezien.” In de binnenspiegel zie ik een grote glimlach op het gezicht van Marja.

Dit verhaal is gepubliceerd in Houtens Nieuws als onderdeel van de serie: Een dag als…

Op zoek naar een communicatieprofessional met passie voor het maken van mooie verhalen? Neem dan nog vandaag contact met mij op!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *